Zwolle Hanzestad

Zwolle is een stad met vele monumenten. De Sassenpoort en de Peperbus worden meestal als eerste genoemd. Maar er zijn er meer: de Grote Kerk, de Basiliek, het stadhuis, de Fratershuizen, het Drostenhuis, het Karel de Ve huis, het Hopmanshuis, het Broerencomplex met Librije, de stadsmuur, om er zo wat te noemen.

Zwolle aan de zijde van de Rode Toren

De stad Zwolle dankt haar monumenten aan haar rijke Hanzehistorie. In de 14e en 15e eeuw werd Zwolle welvarend van de handel over water en land. Zwolle is een Hanzestad, een handelsstad. In 1407 sloot ze zich aan bij het Hanzeverbond. Dat is een handelsverbond tussen handelssteden in noord Europa. Lübeck was de voorzitter van het Hanzeverbond. Naast Zwolle waren ook Nederlandse steden als Kampen, Deventer, Hattem, Zutphen, Elburg, Stavoren en Hindelopen lid van de Hanze.

Zwolle verwierf stapelrecht in 1438, het recht om bepaalde goederen in en uit te voeren. Dat ging met name om textiel uit Vlaanderen, zout uit Frankrijk, aardewerk uit het Rijnland en Bentheimer zandsteen. Daardoor werd Zwolle in de late middeleeuwen een welvarende stad.

Moderne Devotie

Klooster Windesheim

De geestelijke stroming van de Moderne Devotie bloeide in de 14e en 15e eeuw. Het hoofdklooster stond in Windesheim, net buiten Zwolle. In de Fratershuizen in de Praubstraat werden boeken gekopieerd. Dan was er de Latijnse school van meester Joan Cele. Door zijn onderwijsmethode werd rector Cele bekend door heel Europa. Zwolle was toen al een studentenstad. De studenten werden gehuisvest in de Fratershuizen. Dat was het Domus Parvum en het Domus Clericorum in de Praubstraat.

Kerken in de middeleeuwen

Hoofdkerk

De Sint-Michaëlskerk, getekend door Cornelis Springer (1862)

De hoofdkerk van het middeleeuwse Zwolle is de St. Michaëlskerk. De stadskerk is traditiegetrouw genoemd naar de beschermheilige van de stad, de aartsengel Michaël. Het gotische gebouw is gebouwd in de 15e eeuw. Daarvoor stond er al een romaanse kerk uit de 11e eeuw. Tot 1669 bezat de kerk een toren van 115 meter hoog. In 1669 stortte deze toren in als gevolg van blikseminslag. Daarna is de toren afgebroken. De Onze Lieve Vrouwekapel was de nevenkerk van de stadskerk. De aan Onze Lieve Vrouwe toegewijde kapel, die voor 1981 nooit als parochiekerk is gewijd,werd nodig om de grote toestroom aan gelovigen in de 14e eeuw te herbergen.

De Bethlehemkerk, thans De Proosdij

De Bethlehemkerk was onderdeel van het voormalige klooster Bethlehem. Dit klooster werd gesticht in 1309 en was daarmee het eerste klooster in Zwolle. Ook het Refter, het eetzaalcomplex, is bewaard gebleven. Het complex strekte zich uit van de Sassenstraat tot de Schoutenstraat en Nieuwe Markt. Ook het Karel de Ve huis maakte deel uit van het kloostercomplex. Thans is er 'de Proosdij' gevestigd nadat de kerk geseculariseerd is.

Broerenkerk, Broerenkerkplein

Librije, Broerenklooster (conservatorium) en Broerenkerk (boekhandel Waanders)

De voormalige bibliotheek van het klooster, De Librije, nu bekend driesterren restaurant. De kerk met bijbehorend klooster wordt thans als onderkomen voor het Conservatorium gebruikt. In 1464 stichtten de Dominicaner monniken er, net buiten de toenmalige stadsmuur, hun klooster. In 1581 werden ze de stad uitgedreven. Het gebouw werd buiten gebruik gesteld. In de 19e eeuw deed het dienst als kazerne. In de 80 er jaren is het kloostergedeelte verbouwd tot conservatoriumcomplex en de kerk werd voor de Hervormde Gemeente ingericht. Na het gereed komen van de restauratie van de Bethlehemskerk werd de Broerenkerk voor de eredienst gesloten. Thans vinden er exposities en beurzen plaats. De plafondschilderingen zijn uniek. Er zijn plannen om de kerk te verbouwen tot boekwinkel voor Boekhandel Waanders.

De Geertrudiskapel, nu Waalse Kerk (Schoutenstraat)

Het Kadeneterklooster of de Geertrudiskapel, zo stond de Waalse Kerk in Zwolle bekend in de Middeleeuwen. De Zusters des Gemenen Levens, een stroming vanuit de Moderne Devotie, richtten er hun klooster in rond 1390. Omstreeks 1480 was het een bloeiend convent. Ook dit klooster werd in 1581 gesloten. Na de verdrijving van de Hugenoten in Frankrijk is het in gebruik bij de Waalse Gemeente.

Vestingstad

Zwolle als vestingstad in 1652 (Bleau) Sassenpoort Zwolle

Zwolle is van oorsprong een vestingstad. Sinds 1230 bezit zij stadsrechten. In 1324 had roofridder Zweder, Heer van Voorst, de stad platgebrand. Spoedig daarna werd ze weer opgebouwd en ommuurd. Drie stadspoorten gaven toegang via land tot de stad: Sassenpoort, Diezerpoort en Kamperpoort. De Rodetoren was de waterpoort van Zwolle. De gracht kwam daar binnen, stroomde door de Melkmarkt, Oude Vismarkt en waar nu het Kerkbrugje is weer in de buitengracht.

Na de Franse Tijd waren de verdedigingswerken overbodig geworden en werden de Kamperpoort en Diezerpoort afgebroken. De enige stadspoort van de Zwolse vestingwerken die bewaard is gebleven is de Sassenpoort uit 1409. De poort bezat een binnenpoort en een buitenpoort. Tussen beide poorten was een ommuurd stuk grond. De huidige (binnen)poort bezit een mezekouw. Dit is het uistekend gewelf boven de poortingang van waaruit de vijand met pek bestookt kon worden. De Sassenpoort staat op de Unesco lijst van 100 belangrijkste wereldmonumenten. De poort werd in 1893 overgedragen aan de rijksoverheid ten behoeve van de huisvesting van het rijksarchief. 1894 en 1897 werd de poort gerestaureerd en van een nieuwe toren en nieuwe dakkapellen voorzien. Het 18e eeuwse torentje werd daarbij afgebroken. Dit gebeurde onder architect Pierre (P.J.H.) Cuypers, bekend van o.a. het centraal station en het rijksmuseum te Amsterdam.